Azazello

Context

Azazello is de kleine, maar uitzonderlijk breedgeschouderde figuur met een bolhoed, vuurrood haar en met een slagtand die uit zijn mond steekt.

Zijn belangrijkste functie in de roman is geweldpleging. Hij gooit Poplavski van de trap, stuurt Lichodejev naar Jalta, en schiet baron Meigel neer. Maar hij kan ook verleiden, want hij is degene die in het Alexanderpark Margarita uitnodigt om Woland te ontmoeten en die haar de balsem geeft waarmee ze in een heks zal veranderen.

Na het Satansbal, als de hele entourage van Wodan gezellig samenzit bij een vrolijk souper in het appartement, voert hij een bravourestukje op met een automatisch pistool, een kussen en een schoppenzeven. «Ik zou u niet graag tegenkomen als u een revolver in handen had» is de reactie van Margarita. Ze zegt dat met «een kokette blik» naar Azazello, want ze is dol op iedereen die eersteklas werk levert. «Dierbare koningin,» antwoord Korovjev daarop, «ik zou niemand aanraden hem tegen te komen, zelfs zonder enige revolver in zijn handen!»

Prototype

Boelgakov voegt een Italiaans klinkend einde toe aan de Hebreeuwse naam עֲזָאזֵל‎ [Azazel]. In verschillende religieuze strekkingen en geschriften is de naam Azazel een synoniem voor Satan. In de archieven van Boelgakov werd het boek Azazel en Dionysus teruggevonden, dat in 1924 werd geschreven door de regisseur, dramaturg, historicus, filosoof en psycholoog Nikolaj Nikolajevitsj Evreinov (1879-1953). We hebben de tekst van dat boek niet kunnen raadplegen, en weten dus niet welke invloed het zou kunnen gehad hebben op het personage Azazello in De meester en Margarita.

Azazel en Dionysus
Azazel en Dionysus

In elk geval was Azazel volgens oude bijbelse tradities oorspronkelijk één van de krachtigste en slimste engelen in de hemel. Maar toen God de mens schiep, werd Azazel opstandig, en weigerde hij voor Adam, de eerste mens, te buigen. «Waarom zou God een mens scheppen, die bloed en verwarring zal vergieten, terwijl de engelen zich voor hem neerwerpen en dag en nacht zijn glorie zingen?» Als reactie op deze opstandigheid werden Azazel en vele andere engelen uit de hemel verstoten, waardoor de gevallen engelen of duivels ontstonden.

De val der opstandige engelen
De val der opstandige engelen (Bruegel, 1562)

Die straf maakte echter geen einde aan de rebellie van Azazel. Volgens het apocriefe Boek van Henoch werd hij de leider van de grigori, een groep van gevallen engelen die met sterfelijke vrouwen gemeenschap had, waaruit de reuzen voortkwamen, ook bekend als de Nephilim. Volgens Henoch:8 was Azazel de grigori die de mensen leerde wapens en juwelen maken, en leerden de vrouwen van hem ook de «zondige kunst» om «hun gezichten te schilderen». Geen wonder dus dat net hij de balsem levert waarmee Margarita weer jonger wordt. Zijn lessen creëerden zoveel onrecht dat God besloot alle leven op aarde te vernietigen in de Zondvloed.

De Zondvloed
De Zondvloed (Michelangelo, 1512)

Azazel ligt ook aan de oorsprong van het woord zondebok. In het Oude Testament kunnen we in Leviticus:16 lezen dat op Jom Kipoer of de Grote Verzoendag de hogepriester een ram en twee geitenbokken als brandoffer moet nemen. De ram is ter heiliging van de priester zelf. De ene bok is bestemd als offer voor God. Op de kop van het andere dier moet de priester zijn handen leggen om het zo te beladen met de zonden van het volk. Daarna wordt de «zondebok» losgelaten en de woestijn in gestuurd, naar עֲזָאזֵל‎ [Azazel]: «De bok die door het lot bestemd is voor Azazel moet levend voor de Heer blijven staan om verzoening mee te bewerken, en daarna de woestijn in worden gestuurd, naar Azazel».

In modern Hebreeuws betekent de uitdrukking «ga naar azazel» zoiets als «val dood». Voorwerpen die naar azazel zijn gegaan, zijn onherstelbaar kapot. En tijd, geld of moeite, die naar azazel gingen, zijn verloren. Kortom, azazel is steeds een negatieve bestemming.

Azazello Woland en Fiello

In de opeenvolgende versies van De meester en Margarita hebben de duivelse personages een aantal naamsveranderingen ondergaan. De buitenlandse goochelaar, die we nu als professor Woland kennen, heette aanvankelijk Azazello Woland. Het personage dat we nu als Azazello kennen, heette toen Фиелло [Fiello], en werd beschreven als een soort nar met «een klein postuur, kreupel en helemaal bekleed met bellen». In het boek Boelgakov ontcijferd. De geheimen van De meester en Margarita uit 2010 argumenteert Boelgakovexpert Boris Vadimovitsj Sokolov (°1957) dat de naam Fiello zou afgeleid zijn van het Latijnse woord filius of zoon. Dat zou van hem een parodiërend duivels equivalent kunnen maken van de mensenzoon Jezus van Nazareth.

In 1934 gooide Boelgakov de duivelse personages in hun definitieve vorm. Fiello werd Azazello en Azazello Woland werd gewoon Woland.

Transformatie

Wanneer de demonen hun originele gedaante terugkrijgen verliest Azazello zijn slagtand. Zijn beide ogen waren leeg en zwart en zijn gezicht was wit en koud en hij toonde zich «als demon van de waterloze woestijnen, een demon en moordenaar». Dat is een verwijzing naar het apocriefe Boek van Henoch, waarin Azazel door de aartsengel Rafael, op vraag van God, in het eeuwige duister wordt gegooid en verzwindt in de woestijn.